Periode 1945 - 1950 : Na oorlogse perikelen & tekorten

In een korte periode na de oorlog (1945 - 1949) was het onduidelijk of de heer Herberhold al dan niet vervolgd moest worden wegens collaboratie. Hoe het proces in eerste instantie verliep is goed te volgen uit deze serie artikelen : [1], [2], [3], [4], [5], [6], [7], [8], [9], [10], [11], [12], [13], [14], [15], [16].
Als gevolg van dit proces heeft de heer Herberhold de periode van 29 augustus 1946 tot en met 14 oktober 1947 in detentie doorgebacht.

Tijdens de rechtzaak werden ook diverse werknemers als getuige gedagvaard, waaronder de heer van Lopik, die in die tijd o.a. werkzaam was als nachtwaker en lid van de bedrijfsbrandweer.
Hij werd opgeroepen om op 7 december 1948 voor de rechtbank te verschijnen voor het afleggen van een getuige verklaring.

Dat het personeel zeer begaan was deze moeilijke periode van de heer Herberhold kan wel geconcludeerd worden uit deze, in het Utrechts Nieusblad gepubliceerde nieuwjaarswens als steunbetuiging van het personeel.

Hoewel niet meer in detentie, was het Herberhold niet toegestaan om de fabriek te besturen, dit werd door een 'zetbaas' van de Rijkscommissie waargenomen.
In augustus van 1948 werd het proces heropend daar er nieuwe bewijsstukken en verklaring waren gevonden, het een en ander is te volgen uit deze artikelen : [1], [2], [3], [4], [5], [6], [7], [8], [9], [10], [11], [12], [13], [14], [15], [16], [17], [18], [19], [20], [21], [22], [23], [24], [25], [26], [27], [28], [29], [30], [31], [32], [33], [34], [35].
Ditmaal hoefde de heer Herberhold niet in het gevang, en kon het proces in vrijheid volgen.
Uiteindelijk werd deze zaak op 12 maart 1949 geseponeed, en als gevolg daarvan werden alle rechten weer teruggegeven aan hem, zodat Herberhold weer als eigenaar aan de slag kon gaan. .

Hoewel het personeelsbeleid bij de fabriek vrij goed was, waren er toch een paar kleine strubbelingen ten tijde van de periode dat Herberhold niet de bestuurder was, getuige deze artikelen : [1], [2], [3] en [4] uit het Utrechts Nieuwsblad en De Waarheid van mei 1949. In het artikel uit 'De Waarheid' stelt de reporter de zaken iets 'kleuriger' voor dan het in werkelijkheid bleek te zijn.

Net als zoveel andere fabrieken, kampte de batterijfabriek ook met grondstof problemen gedurende de 2e helft van de jaren '40.
Daarnaast zorgde de starre houding van de Douane er vaak voor dat partijen grondstoffen uit o.a. Engeland onnodig lang werden tegengehouden, waardoor er slechts mondjesmaat geproduceerd kon worden.
De fabriek lag zelfs regelmatig stil en moest het personeel noodgedwongen naar huis getuige deze 2 artikelen : [1], [2].
Niet alleen de reguliere consumenten hadden hier last van, ook Defensie wilde veel batterijen afnemen voor o.a. de troepen die gelegerd waren in Indonesië
De Witte Kat ontsprong de dans.

C.P. Herberhold was eigenaar-directeur van de beroemde 'Witte Kat'-batterijenfabriek in Utrecht. Hij werd ervan beschuldigd steun te hebben verleend aan de Duitse bezetter. In februari 1947 drong minister van Economische Zaken Huysmans er bij zijn collega van Justitie Van Maarseveen op aan Herberhold vrijuit te laten gaan, onder andere omdat het leger in Nederlands-Indie zat te springen om Witte Kat-batterijen. Van Maarseveen zei echter niets te kunnen doen. In april 1948 werd het hoofd van de Utrechtse afdeling van de Politieke Recherche Afdelingen Collaboratie, Van Gool, die zich met de zaak Herberhold bezighield, gearresteerd op verdenking van corruptie. Na een hechtenis van zeven maanden bleek Van Gool onschuldig te zijn en hij beweerde er door Van Maarseveen te zijn ingeluisd. Van Gool zou namelijk bewijs hebben gehad dat Van Maarseveen in de oorlog bij zijn vriend Herberhold thuis menig uurtje verpozend had doorgebracht met enkele Duitse officieren.
De hele manoeuvre had uiteindelijk als resultaat dat de zaak tegen Herberhold werd geseponeerd.

Bron : S.E.R.


Bron : Utrechts Nieuwsblad (29 augustus 1946)


Bron : Utrechts Nieuwsblad (3 september 1946)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (11 september 1947)


Bron : Utrechts Nieuwsblad (16 september 1946)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (18 september 1947)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (29 september 1947)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (30 september 1947)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (3 oktober 1947)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (4 oktober 1947)
Toon grotere versie


Bron : Het Vrije Volk (04 oktober 1947)


Bron : Utrechts Nieuwsblad (11 oktober 1947)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (13 oktober 1947)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (14 oktober 1947)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (15 oktober 1947)
Toon grotere versie


Bron : Gooi en Eemlander (28 oktober 1947)
Toon grotere versie


Bron : Koninklijke Bibliotheek (31 oktober 1947)
Toon grotere versie

Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (31 december 1948)


Bron : Utrechts Nieuwsblad (6 augustus 1948)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (28 september 1948)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (29 september 1948)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (12 oktober 1948)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (19 oktober 1948)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (20 oktober 1948)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (26 oktober 1948)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (27 oktober 1948)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (29 oktober 1948)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (2 november 1948)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (5 november 1948)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (9 november 1948)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (10 november 1948)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (16 november 1948)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (19 november 1948)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (25 november 1948)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (26 november 1948)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (30 november 1948)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (1 december 1948)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (4 december 1948)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (7 december 1948)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (8 december 1948)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (29 december 1948)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (6 januari 1946)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (12 januari 1949)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (15 januari 1949)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (19 januari 1949)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (2 februari 1949)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (11 februari 1949)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (15 februari 1949)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (19 februari 1949)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (12 maart 1949)
Toon grotere versie


Bron : Utrechts Nieuwsblad (12 maart 1949)
Toon grotere versie


Bron : Nieuwe Leidsche Courant (12 maart 1949)
Toon grotere versie


Bron : Koninklijke Bibliotheek (14 maart 1949)
Toon grotere versie


Bron : De Waarheid(16 mei 1949)


Bron : Utrechts Nieuwsblad (17 mei 1949)


Bron : Utrechts Nieuwsblad (19 mei 1949)


Bron : De Waarheid (19 mei 1949)


Bron : Utrechts Nieuwsblad (17 januari 1948)


Bron : Utrechts Nieuwsblad (9 maart 1948)